Familiebedrijf in het Barologebied

Overnachten kasteel Piemonte
Overnachten op een kasteel in het Barolo wijngebied? Tijdens de wijnreis Italië verblijven we in geweldige agriturismo’s en een heus kasteel. Het Castello di Novello is één van de mooiste adressen in Piemonte!

Het uitzicht is er fe-no-me-naal, vooral ’s ochtends vroeg, als de mist nog tussen de heuvels hangt. Het grote dakterras met zijn bakstenen kantelen biedt een 360 graden panorama over de wijnheuvels. Op de voorgrond zingen de vogels in de oude kastanje- en notenbomen, die zorgen voor
schaduw en koelte tijdens warme dagen. Vlakbij staat het poortgebouw uit de 13 e eeuw, waarin in een van de torens een romantisch slaapkamertje is ondergebracht: voor de liefhebber, want de badkamer is in de andere toren. Achter de poort neem je het woonhuis van de familie waar, hoog
balancerend aan de rand van de langgerekte heuvel, die daar loodrecht omlaag stort. Draai je om en je kijkt op het vredige dorp Novello, een van de elf dorpen waar barolo gemaakt mag worden, met zijn rozerode pannendaken, zijn 4 of 5 smalle straten, zijn middeleeuwse toren en zijn twee mooie barokke kerken. Draai je maar weer om. Het meest indrukwekkend zijn de weidse vergezichten over het magnifieke Barolo wijngebied, Unesco werelderfgoed, met zijn unieke patchwork patroon en op de achtergrond, bij helder weer, een driekwart cirkel van majestueuze besneeuwde Alpentoppen.

Wijngaard bezoeken Italie
Het Barolo Wijngebied met besneeuwde Alpen op de achtergrond

Links, op een volgende heuvel, ligt Monforte met zijn twee torentjes, rechts ontwaar je glimpen van de Tanaro, die zich tussen de landerijen door slingert. Daartussen een zee van wijngaarden. Op sommige ochtenden zie je een zee van wolken, waaruit hier en daar eilandjes opduiken, eilandjes
met een kerkje of met één boerderij omringd door een paar bomen. Andere ochtenden tonen je heuvelrij na heuvelrij, steeds vager wordend, met dikke mistflarden er tussenin. Van het barologebied word ik altijd ontzettend poëtisch. En helemaal wanneer ik op het dakterras van het Castello di Novello sta. Goh, wat is het hier toch vreselijk mooi!

Maar op het kasteel wordt gewoon gewerkt. De super aardige kasteelvrouw Giusi Vetti, gekleed in spijkerbroek en eenvoudige blouse, beheert het hotel met de tien kamers; haar broer Carlo is kok en runt samen met zijn vrouw Manuela het restaurant en kookt vooral voor bruiloften en partijen. Hun
bejaarde vader Diego zit meestal op het bankje onder de bomen, tegenover de trappen naar de entree. Daar ziet hij de gasten komen en gaan en maakt soms een praatje met ze: “Ik spreek twee talen: Piemontees en Italiaans”. Als het druk is, helpen soms Giusi’s elders wonende zoon en dochter mee in het hotel. De man van Giusi, Maurizio, heeft samen met zijn broer Luciano zijn eigen business: een mooie, knusse agriturismo, Cà San Ponzio, gelegen tussen de hazelnotenbomen waarvan zij de hazelnoten oogsten voor Ferrero in Alba. Ook hun oude moeder helpt nog elke dag mee. Naast het huis ligt een idyllische minicamping verscholen. Met die twee mannen is het altijd lachen en er hangt een ontspannen sfeer.

Overnachten in een kasteel. Het Castello di Novello in de avondzon.

Het Castello di Novello is een monumentaal neogotisch bouwwerk uit 1880 met een imposante façade van vier verdiepingen. Het heeft drie kleine ronde hoektorens en een grote, die voor de reiziger een baken in het landschap vormt. Op het dak is onlangs de gerestaureerde adelaar
teruggeplaatst. Onder het gebouw zijn nog delen zichtbaar van het 13 e eeuwse kasteel van de markies del Carretto. Daar is ook de wijnkelder van het restaurant met een indrukwekkende voorraad kostbare barolo’s en andere wijnen uit het gebied. Het ontbijt voor de hotelgasten wordt
geserveerd in een van de historische zaaltjes behangen met wandtapijten en oude schilderijen. Op koude ochtenden wordt de open haard aangestoken.

Je kunt er op verzoek ook sfeervol dineren. Dan steekt Manuela de kaarsen aan. Het restaurant kookt stijlvol Piemontees, afhankelijk van het seizoen zijn dat gerechten met de precieuze witte truffel van Alba, wildschotels, peperoni alla piemontese, vitello tonnato, brasato al barolo, risotto ai funghi porcini, de pastagerechten tajarin en agnolotti del plin en als dessert zabaglione of bonèt – een verrukkelijke crème caramel met gecrushte amaretti, verrijkt met rum.

Het kasteel ademt grandeur, rust en ruimte. Zijn bewoners zijn gelukkig gewone mensen gebleven. Hartelijk, vrolijk, gastvrij en flexibel. Trouwens, wel eens truffel gegeten bij je ontbijt? In het Castello di Novello staat truffelkaas op de ontbijttafel.

Verknocht aan barolo

Mijn Baroloreis is de meest exclusieve reis uit mijn programma. Ik heb hem al vanaf 2007 op het programma en ben er erg aan verknocht geraakt. In die reis gaan we wijnproeven bij de familie Stra in Vergnè, bij de drie zusjes van wijngoed Marrone en bij Fontanafredda, waar we blijven
overnachten. We gaan truffels zoeken in het bos met Silvio en zijn truffelhondje Tea. We slapen en eten op kastelen. Omdat de reis in de herfst is, kleuren de wijngaarden prachtig rood-met-goud. Het is zo mooi om er te wandelen. In alle opzichten een topgebied voor een wijnreis!

wijnreis piemonte
Truffels zoeken met Silvio en hondje Tea

Wijn in Slovenië – Orange wines en wandelen tussen de wijngaarden

wijnreis georganiseerd
Slovenië is al langere tijd een paradijs voor wandelaars. Wandelen door een steeds afwisselend landschap – van Alpen tot Middellandse Zee – is iets dat al heel wat sportieve Nederlanders gedaan hebben. Maar wat voor veel mensen nog vrij nieuw is: Slovenië als wijnland! Slovenië is een interessante Europese bestemming als het gaat om culinaire reizen. Waarom is Slovenië zo leuk als bestemming voor een wijnreis?

Slovenië: een culinaire outdoor vakantiebestemming

De natuur is er onbedorven, groen en afwisselend. Een klein land, ongeveer een derde van Nederland, mst slechts 2 miljoen inwoners. Maar het is wel Europa in zakformaat: het heeft werkelijk alles. Alpine landschappen (de Triglav in de Julische Alpen is bijna 3000 m hoog), liefelijk heuvellandschap met meren, bossen, kolkende bergbeken en rivieren, schilderachtige wijngebieden die op Toscane lijken, de Karst met zijn indrukwekkende druipsteengrotten en tot slot een Italiaans aandoende mediterrane kuststrook met schilderachtige stadjes en een weelderige vegetatie.

Wandelen, fietsen . . . 

Vanwege deze grote diversiteit aan landschappen heeft Slovenië ideale plekken om te wandelen, fietsen, mountainbiken, kanoën, raften, zwemmen in zee, zeilen en windsurfen.
Het land heeft 44 natuurparken en kent een grote biodiversiteit. In de wijngebieden van de wijnregio Primorje, aan de kust, is het fantastisch wandelen, van wijndorp naar wijndorp. Slovenië heeft 16.000 km aan gemarkeerde wandelroutes, las ik in een reisgids.

De avontuurlijke wijnen van Slovenië

Weliswaar zijn er goede wijnen te vinden die bij iedereen in de smaak zullen vallen, maar wie een beetje avontuurlijk is aangelegd, komt in Slovenië werkelijk volop aan zijn trekken. Hier kun je bijzondere vondsten doen. Slovenië heeft zijn eigen, inheemse druivenrassen: de witte malvasìa, zelèn, pinela, vitovska en rebula en de rode refosk. Wijnboeren Janko en Tamara Stekar uit de Brda regio verbouwen de witte polsakica en polgraznica. De enorm tanninerijke refosk heet in de Karst teran. Jarenlang rijpt deze krachtpatser op hout en dan nog bezit hij veel tannines en zuren. Een wijn om te bewaren en bij stevige gerechten te drinken.

Bijzondere orange wines

Wijnen met de kleuren van de zonsondergang! Slovenië heeft als een van de weinige landen de traditie van orange wines. Voor orange wines vergist men witte druiven op de rode wijn manier, met de schillen en de pitten. Het geeft unieke wijnen die goudgeel en koper van kleur zijn. Ze hebben geuren en smaken die je niet tegenkomt in gewone witte wijnen. Allereerst hebben ze tannines, wat je niet verwacht bij een “witte” wijn en wat vreemd aandoet wanneer je deze wijn voor het eerst proeft. Ze  zijn complex, hebben structuur en een hoge smaakconcentratie. Omdat ze deze “rodewijnkenmerken” hebben, zijn ze met ontzettend veel gerechten te combineren. Naast groente- en visgerechten, gaan ze prima met pittige kazen en vlees.
In de hoek Slovenië-Kroatië-Italië is was het altijd al een traditie om oranje wijn te maken. Maar er is een andere kant aan deze wijn gekomen, een trendy kant. Ook moderne wijnmakers van buiten deze regio experimenteren nu met oranje wijnen, omdat ze zo smaakvol zijn. De wijnboeren zijn zeer kritisch op teelt en verwerking. Die geschiedt zo natuurlijk mogelijk. Vaak is hiervan op de etiketten niets te zien, het gaat niet om de certificering maar om de pure smaak.
De in Amsterdam wonende Simon Woolf heeft in het voorjaar van 2018 een zeer lezenswaardig boek uitgebracht: Amber Revolution. Met als uitgangspunt de orange wines schrijft hij op een boeiende en aansprekende manier over de gebieden waar orange wines gemaakt worden: Friuli, Slovenië, Georgië. Het staat vol wetenswaardigheden en persoonlijke verhalen over wijnboeren (ook over Ales Kristancic van Movia), de uitleg is duidelijk en de foto’s zijn prachtig.

Historie van Sloveense Wijn

In de Romeinse tijd was Slovenië al een bekend wijngebied met wijnen van een hoge kwaliteit. Net als in de rest van Europa, kreeg ook Slovenië eind 19e eeuw te maken met het drama van de druifluis, die het wijngaardareaal halveerde. Wijnboeren probeerden andere inkomsten te vinden en velen emigreerden. In de communistische tijd werden coöperaties gesticht en kwantiteit werd belangrijker dan kwaliteit..
In 1991 verklaarde Slovenië zichzelf onafhankelijk. De wijngaarden kwamen weer in privébezit. Er wordt volop geëxperimenteerd met nieuwe methodes en inzichten, terwijl men de oude tradities veelal in ere houdt. De kwaliteit is weer hoog. De wijnen worden nog nauwelijks geëxporteerd en in Nederland is het moeilijk om aan deze wijnen te komen. Je kunt ze bijvoorbeeld kopen bij www.anderewijn.nlen bij Marijana Siljeg, www.delicroatia.nl. Op Marijana’s website www.theorangewineclub.nl is veel interessants te lezen over deze wijnen en hun eigenzinnige makers.

Wijnreis Slovenië

Slovenië kent drie grote wijnregio’s, Podravje, Posavje en Primorje. Podravje ligt in het noordoosten langs de Drava; Posavje in het zuidoosten langs de Sava. Primorje (mor betekent zee) ligt in het westen, bij de zee.

Mijn wijnreis speelt zich af in het mooie Primorje met zijn mediterrane klimaat. Je kunt het onderverdelen in vier kleinere wijngebieden. Van noord naar zuid: Brda, Vipavavallei, Karst en Sloveens Istrië. Elke kent zijn eigen microklimaat, heeft zijn eigen terroir. We bezoeken alle vier deze gebieden. Informatie vind je op www.vinaventura.nl.

Culinair Slovenië

Voor gastronomie zit je hier ook goed! Toen ik hier enkele jaren terug voor de eerste keer kwam, was ik verrast over het niveau van de wijnen en de heerlijke lokale keuken, zelfs in eenvoudige gostilna’s – een soort familierestaurants – op het platteland. De Italiaanse invloed is vaak merkbaar, maar ook die van de Balkan. Ik vond de Tolmin gatenkaas verrukkelijk. Voor de vleeseters is er de superlekkere prsjut (prosciutto in het Italiaans) uit de Karst, wild en geit. De restaurants serveren uitstekende risotto’s, gevulde paprika’s, pittige paprikasoep en aan zee verse vis en schelp- en schaaldieren. Slovenië heeft ook olijfolie, abrikozen, kersen, honing, rauwmelkse kazen en vele andere producten vers van het land. En wist je dat ze in Slovenië truffels hebben? En dat ze daar best royaal mee zijn? 
De kunst van het koffie zetten hebben ze van de Italianen overgenomen. In alle café’s en restaurants serveert men uitstekende espresso en cappuccino.

Ze maken alles zelf

Het allerleukste vond ik om te zien dat Slovenen graag alles zelf verbouwen, inmaken, brouwen, roken en stoken. Tijdens de wijnproeverij bij Janko en Tamar Stekar – in hun gezellige, schaduwrijke tuin onder hoge bomen en met uitzicht over de wijnheuvels – proefden wij hun natuurwijnen. Wijnen zonder enige toevoeging, zelfs geen sulfiet. Hierbij werden bordjes neergezet met rijpe streekkazen, frittata en overheerlijke ham en salami. Toen ik in de keuken ging zeggen dat ze ons enorm verwenden met dit lekkers, zei iemand: “Die salami maakt Janko zelf.” “Serieus?” “Ja, hij rookt ook zelf de ham”. Dat de eieren van eigen kippen waren en de groenten uit eigen tuin kwamen, hoefde ik niet eens meer te vragen. Vlak voor mijn eerste wijnreis Slovenië, in 2018, verscheen er tot mijn grote verrassing een superpositief artikel in de Volkskrant van de hand van culinair schrijver Mac van Dinter, genaamd: “Waarom Slovenië dé nieuwe bestemming is voor foodies. Tussen de Alpen en de Adriatische zee ligt een culinair paradijs dat smeekt om ontdekt te worden.”

Slovenen zijn vriendelijke mensen en ze spreken hun talen. In het westelijk gedeelte spreken de mensen naast Sloveens allemaal Italiaans en de meesten – vooral de jongere generatie – daarnaast Engels.

De hoofdstad Ljubljana is met 280.000 inwoners een stad van prettig formaat. Het centrum deed mij aan Utrecht denken, met zijn terrassen aan de door de stad slingerende Oude Gracht. Dat is hier de rivier de Ljubljanica. Een studentenstad met veel gezelligheid.

Het meest opvallende van Slovenië vond ik toch de golvende, groene natuur met zijn afwisseling van bossen en wijngaarden. Die nodigt uit tot lange wandelingen over kleine paden, met onderweg een goede lunch in een herberg of bij een wijnboer. Met een goed glas rebula of vitovska!

Mee naar Slovenië? Dat kan met mij, Els Groot, in september met de wijnwandelreis Mediterraans Slovenië.
Één van de heerlijke overnachtingen: een verblijf bij de wijnboer